____________________________________

  Amerika Noordoost en West

____________________________________

New York / Niagara Falls / Arlington Cemetery en Washington DC / Salt Lake City / Yellowstone NP en Garnd teton NP / Bryce Canyon NP / Antelope Canyon / Monument Valley / Grand Canyon NP / Route 66, Lake Mead en Hoover Dam / Las Vegas / Los Angeles / Santa Monica / San Francisco

 

Route Oostkust

 

 

 

 

 

Hele reisroute

 

 

Route Westkust

 

 

De voorbereiding

Naar kaartjes van de Nationale Parken.

Route-info over deze reis.

Naar hotellijst.

Voor verre reizen boekte ik meestal een groepsreis. Reizen in Europa deed ik meestal met een auto/huurauto. Van alle autorondreizen was alleen IJsland geboekt via een reisorganisatie, de andere reizen waren zelf geboekt. Nu wilde ik graag nog eens naar Amerika, waar ik in 1997 ook al eens was. Een groot deel van die reis gaat over hetzelfde traject. Als je dit reisverslag leuk vindt, is het vast ook de moeite waard om het Amerika-verslag van 1997 te lezen.

Deze reis maakte ik met een vriendin die ik tien jaar geleden op de Costa Rica reis ontmoette. We wilden allebei graag een rondreis maken door Amerika. De georganiseerde reizen die we zagen, vonden we om uiteenlopende redenen allemaal niet zo geschikt en daarom besloten we de gehele reis zelf te boeken. We hadden slechts 23 dagen en wilden in die 23 dagen zo veel mogelijk zien. We kwamen uit op drie verschillende reisroutes die allemaal aan onze reisvoorwaarden voldeden. Uit die routes kozen we de route die ons beide het geschiktst leek.

Hierna begon het werk achter de computer. Eerst vliegtickets boeken, ook die van de binnenlandse vlucht op dag 8 van onze reis. Hierna  heb ik via www.booking.com en www.priceline.com de meeste hotels geboekt. Ook hebben we gezorgd dat er op de juiste dagen en de juiste plekken mooie huurauto's voor ons klaar zouden staan. We wilden een mooie reis, voor zo weinig mogelijk geld en met zoveel mogelijk gemak en wij hebben het idee dat ons dat aardig is gelukt. Toch waren de kosten voor de huurauto's nogal hoog. Dit kwam doordat we bij beide huurauto's de auto op een andere plek afleverden dan dat we hem ophaalden. Hier betaal je dan een one-way-fee voor en die is behoorlijk hoog. Hoeveel je daarvoor betaalt hangt af van het aantal kilometers tussen de pick-up plek en de drop-off plek.

Als je ook zo'n reis gaat maken, vergeet dan niet je excursies al van tevoren via internet te boeken. Zeker in de zomerperiode is dat nodig, anders heb je kans dat je ergens niet meer naartoe kunt. Ook kun je met het aanschaffen van een ticket (of zelfs express-ticket) veel tijdwinst boeken, doordat je minder lang in de rij hoeft te staan.

Voor Amerika heb je geen visum nodig. Wel vraagt de Amerikaanse overheid je een ESTA aanvraag te doen. Dit kan via het internet.

New York

Met een rechtstreekse vlucht van KLM vlogen we van Amsterdam naar JF Kennedy Airport in New York, dat in de staat New Jersey ligt. Het tijdsverschil zorgde ervoor dat we nog op dezelfde dag halverwege de middag aankwamen. We namen een taxi naar ons hotel in Upper West Side aan de Hudson River in Manhattan. Een prima hotel, op een prima locatie. We moesten er nog even op uit om wat te eten en daarna doken we onze bedjes in om de volgende dag fris te zijn voor de avonturen in New York.

  We hadden twee dagen om van de stad te genieten. Voor de eerste dag hadden we een kaartje voor The Statue of Liberty / Het Vrijheidsbeeld geboekt. Je kunt een kaartje voor de ferry naar Liberty en Ellis Island boeken. Dan ben je het goedkoopste uit. Je kunt dan beide eilanden bekijken. Wil je een iets uitgebreidere tour, dan kun je er een audiotour bijboeken, zodat je op beide eilanden informatie krijgt. Wil je nog meer, dan kun je een kaartje boeken voor een tour naar de sokkel van het Vrijheidsbeeld en wil je de complete tour, dan kun je ook nog helemaal naar boven tot de kroon van het Vrijheidsbeeld. Toen wij onze reis boekten heb ik via het internet gekeken naar deze tour. Op dat moment was de kroon al voor lange tijd gesloten voor het publiek. Toen slechts een paar weken voor onze reis bekend werd dat de kroon weer opengesteld was, konden wij daar geen kaartje meer voor krijgen. Wij hebben dus voorafgaand aan onze reis alleen nog een boottocht met audiotour naar deze eilanden kunnen boeken. We boekten geen vaste tijd, waarmee je dus een express-ticket hebt voor de boot op dat tijdstip, maar gingen gewoon vroeg heen, zodat er nog geen lange rijen zouden staan. Na een kort metroritje, een korte tijd in de rij en een uitgebreide security-check mochten we de boot op. De boot vanaf Battery Park op het zuidelijkste puntje van Manhattan voer eerst naar Liberty Island. Vanaf de kade leek Lady Liberty niet eens zo indrukwekkend, maar naarmate we dichterbij kwamen, zagen we steeds beter hoe groot ze wel niet was en hoe hoog ze boven het water uittorende.

 

Vanaf de achtersteven van de boot hadden we een vrij uitzicht op de skyline van New York. We stonden ook nog eens aan stuurboord zijde, zodat we ook aan de goede kant stonden op het moment dat we voorbij the Statue of Liberty voeren. We voeren echt om haar heen en vanaf elke kant was ze indrukwekkend. Het is bijna niet voor te stellen hoe mooi ze moet zijn geweest toen ze nog blinkend glom en nog niet groen was, ontworpen door Frédéric Batholdi, pas gebouwd door de Franse ingenieur Gustave Eiffel en pas aan Amerika geschonken door het Franse Volk. Lady Liberty, zelf 50 m hoog, is op een voetstuk geplaatst. Op het voetstuk staat een sokkel, samen zijn deze ook nog eens 55 m hoog. In haar linkerhand houdt ze de Declaration of Independance. Met haar andere hand, met een wijsvinger van 2,5 m, houdt ze de fakkel beet, die de Verlichting symboliseert. De zeven punten van haar kroon symboliseren de zeven continenten. Tot 1954 verwelkomde zij de miljoenen immigranten die via Ellis Island de USA probeerden binnen te komen.  

Op het eiland kregen we een audiotour. We liepen het eiland rond, om het Vrijheidsbeeld heen. Het was mooi om haar van achteren te zien, of tussen de boomtoppen door. Zo zie je haar nooit op tv. Zo leerden wij een andere kant van Lady Liberty kennen. Vanaf het eiland hadden we ook een mooi uitzicht op Manhattan. Toen we klaar waren met ons rondje stapten we op de boot naar Ellis Island, dat vlak naast Liberty Island ligt. Op de boot was het nog niet heel erg druk en dat kwam doordat wij zo vroeg waren vertrokken die ochtend. Het gebouw op Ellis Island waar, van 1892 tot 1924, de immigranten verwelkomd werden is nu ingericht als museum. Ook hier kregen wij weer een audiotour. Tijdens deze audiotour vertellen o.a. oud immigranten over hun ervaringen op Ellis Island. Een warm welkom kregen ze hier niet. In de Registry Room, die nu leeg is, moesten de immigranten soms dagenlang op houten bankjes bivakkeren voordat ze zich eindelijk konden laten registreren. Nadat men geregistreerd was werd men helemaal onderzocht. Lichamelijk, maar ook geestelijk. Als men niet door de tests kwam, moest men na alle ontberingen weer huiswaarts keren. Wie sterk genoeg werd bevonden, werd na dagen wachten dan eindelijk toegelaten tot de VS, voor hen kon het avontuur beginnen. Het was een erg interessant bezoek en heel symbolisch, want ook ons Amerika avontuur startte daar, op dat moment.

   

 

 

 

 

 

 

 

 

Terug op de vaste wal waren we onder de indruk van de lange rij mensen die te wachten stond om de tour nog te mogen maken. Wij waren heel erg blij dat we zo vroeg waren vertrokken, want de rij was bijna tien keer zo lang. Wij pakten de subway naar Trinity Church. Deze Anglicaanse Kerk staat op de kop van Wall Street tussen de wolkenkrabbers. Hierna liepen we langs het beursgebouw van de New York Stock Exchange (Wallstreet) richting Federal Hall. De plek waar George Washington (standbeeld) nu staat, is de plek waar hij in 1789 zijn eed als (eerste) president van de Verenigde Staten aflegde. We liepen door naar de South Street Seaport, waar we vanaf Pier 17 heel mooi de Brooklyn Bridge konden zien. Op deze Pier ben je je er even niet van bewust dat je op dat moment in een wereldstad bent. De sfeer is er ook ineens heel anders. Op de pier zijn heel veel eetgelegenheden en winkeltjes. De sfeer is er heel ontspannen.  

We vervolgden onze weg langs City Hall Park en het Woolworth Building naar Ground Zero. Eerst liepen we langs St. Pauls Chapel, een kerkje vlak bij de onheilsplek dat nu een bedevaartsoord ter nagedachtenis van de slachtoffers van de aanslag is geworden. Veel hulpverleners gingen er tijdens het zoeken en bergen van slachtoffers heen om wat rust te vinden in de chaos, om te bidden en zich te laten sterken door God. Vlak bij Ground Zero is de Ground Zero Preview Site. In een heel klein vertrekje zijn foto's van de aanslag opgehangen en staat een maquette van hoe de plek waar voor 11 september 2001 nog de Twin Towers van het WTC stonden er in de toekomst uit zal gaan zien. Op de plek van de twee torens komen twee vierkante grote gaten, waarin van over de rand water in zal gaan stromen. Ground Zero zelf is nu nog een construction site waar volop gebouwd en gewerkt wordt aan de monumentale gebouwen die er komen te staan. In de zomer van 2000 toen ik tijdens mijn reis naar Costa Rica op Newark Airport moest overstappen en daar uitkeek over de skyline torenden de Twintowers nog hoog boven de andere gebouwen uit. Nu is daar dus niks meer van over. De plek zelf is als bouwput niet zo indrukwekkend, maar de gedachte aan de aanslag des te meer. Wat ook heel indrukwekkend is, is het feit dat er twee zulke hoge torens zijn neergestort, maar dat de gebouwen die er omheen stonden en er toch héél dichtbij stonden gespaard zijn gebleven.

 

 

We pakten na het bezoek aan Ground Zero de metro naar SoHo waar we door de 'gietijzerbuurt' liepen, langs panden met mooie gietijzeren gevels met trappen. We gingen verder naar Greenwich Village, een pittoreske wijk, met een veel romantischer uiterlijk dan de gietijzerbuurt in SoHo. Het was er rustig, maar ademde ook rust uit. We aten hier sushi, wat in Amerika stukken goedkoper is dan in Nederland. Inmiddels was het al wat schemerig geworden. Vanaf Madison Square Park hadden we een mooi uitzicht op de verlichte toren van het Empire State Building. Normaal is deze wit verlicht maar soms als er een speciale gebeurtenis plaatsvindt kan de toren van het gebouw ook anders verlicht worden.  Toen wij er waren was de toren blauw/wit/rood verlicht, vanwege een of ander Amerikaans sportevenement. Het verlichtingsschema is terug te vinden op de officiële  site van het Empire State Building. Hier kun je ook online tickets bestellen en printen voor een bezoek aan de 86e  verdieping van het gebouw. Als je daar eenmaal bent kun je nog een kaartje kopen, zodat je nog naar de 102e verdieping kunt, maar als je eenmaal het uitzicht hebt gezien vanaf de 86e verdieping vind je dit misschien niet eens meer nodig.

  Wij hadden online een express ticket gekocht, dit ticket is wel twee keer zo duur, maar met dit ticket hoef je niet in de rij te staan, je mag langs de rijen lopen zodat je tot helemaal vooraan kunt lopen bij de kaartverkoop, bij de security check, bij de eerste lift en bij de tweede lift. Dit heeft ons in totaal denk ik wel twee uren wachten gescheeld en dan waren wij er nog niet eens op een heel druk tijdstip. Het gaf een heerlijk gevoel om al die wachtende mensen gewoon voorbij te mogen lopen. Binnen tien minuten waren wij op de 86e verdieping. New York by Night was prachtig. We hadden zo’n mooi uitzicht over de stad. Je kon helemaal rond lopen en over de hele stad uit kijken. Wij vonden het niet nodig om nog meer geld uit te geven en naar de 102e verdieping te gaan, omdat het uitzicht op de 86e verdieping ook al spectaculair was. Vooral het Chrysler Building viel erg op, de toren ervan was erg mooi verlicht. En in de verte zagen we de Brooklyn Bridge. Na dit bezoek zat dag 1 van ons bezoek aan New York er op en zochten wij ons hotel weer op.

 

  De tweede dag in New York stonden we weer niet al te laat op. We gingen naar Rockefeller Centre. Op onze weg daar naartoe kwamen we langs de NY Public Library waar twee leeuwen (beelden) de ingang bewaken. Helaas stond het gebouw uit 1911 in de steigers. Op Rockefeller Plaza was nu natuurlijk geen ijsbaan. Dat is voor mij een bekend beeld uit de films. Ook staat er in december een van de bekendste kerstbomen ter wereld. We kochten ter plekke een kaartje voor The Top of the Rock. Het is wel mogelijk om online een kaartje te bestellen, maar dan moet je op een vaste tijd komen. Wij wilden niet gebonden zijn en namen de gok. We hadden een goede keuze gemaakt. Het was er toen wij daar aankwamen helemaal niet druk en we konden zo doorlopen.

 

Het bleek er eerder op de ochtend wel enorm druk te zijn geweest. Met een zeer bijzondere lift ga je naar de top van het gebouw, de 70e verdieping. De lift heeft namelijk een glazen plafond, tijdens de rit omhoog wordt hier een flitsend filmpje op vertoond terwijl je de sfeervol verlichte liftschacht in kijkt. Op The Top of the Rock hadden we opnieuw een prachtig uitzicht over de stad. Bij daglicht was het weer heel anders. We konden heel mooi over Central Park uitkijken, met daar omheen de vele hoge gebouwen. Aan de andere kant konden we tot de Brooklyn Bridge kijken. Ook hadden we een mooi uitzicht op het Empire State Building. Vlak onder het gebouw staat St. Patrick’s Cathedral. De kathedraal lijkt maar heel klein zo tussen al die hoge gebouwen, maar toch is het een van de grootste kathedralen ter wereld.  

Na dit bezoek liepen we naar het hoofdgebouw van de VN waar in het weekend niet vergaderd of gewerkt wordt. Het was er maar een dooie boel. Op de terugweg liepen we nog langs het hoofdgebouw van Unicef, een organisatie van de Verenigde Naties. We liepen hierna naar het Chrysler Building om het gebouw met de roestvrijstalen spits te fotograferen. Alleen de hal is geopend voor publiek. Vlakbij het Chrysler Building is de prachtige Grand Central Terminal. Een prachtig stationsgebouw.

  Wij pakten hier de subway naar het Flatiron Building.  Dit is een zeer bijzonder en mooi gebouw. De ene kant van het gebouw is heel breed, de andere kant heel smal, waardoor het driehoekig is. Door deze vorm kreeg het de bijnaam het ‘strijkijzer’ gebouw. Later werd die naam de officiële naam van het gebouw. Het was een van de eerste wolkenkrabbers ter wereld. Het is in elk geval de oudste wolkenkrabber die nog staat. Het was met 22 verdiepingen (87 meter hoog) lange tijd het hoogste gebouw ter wereld. Het werd in 1902 voltooid en was de eerste wolkenkrabber met een metalen skelet. Door de vorm van het gebouw heb je naast het gebouw echte valwinden, dus dames houd je rok in de gaten als je geen tweede Marilyn Monroe wilt worden. Vroeger stonden de mannen om deze reden graag in de buurt van het Flatiron. Het werd zelfs zo erg dat er extra bewaking moest komen. Toen wij de subway uitstapten wisten we zeker dat we op de goede hoek waren. Toch konden we het gebouw niet vinden. Zelfs het meisje dat flyers stond uit te delen kon ons niet vertellen waar het gebouw stond. Toen we even later al zoekende rondliepen zagen we het gebouw ineens achter ons. Wat bleek…., de uitgang van het metrostation was onder het gebouw vandaan gekomen, waardoor wij direct met onze rug tegen het gebouw aan stonden. Pas toen we de hoek om liepen zagen we pas dat het gebouw waar we naast stonden heel smal was.

Nadat we waren uitgelachen om onszelf namen we foto’s en daarna gingen we naar Penn Station om uit te zoeken wanneer en waar de treinen naar Newark de volgende dag zouden vertrekken. Achter Penn Station ligt Madison Square Station (niet te verwarren met Madison Square Park) de thuisbasis van de New York Knicks en een plek waar veel grote concerten worden gegeven. Hierna weer in de subway en op naar Times Square. We stapten uit tussen de theaters. Aan de straat allemaal verlichte gevels, uithangborden en reclames. Het was duidelijk dat we vlakbij Times Square en Broadway waren. Zelfs de borden van de subway waren blinkend verlicht. We liepen over Times Square. Dit was dan eindelijk het bruisende hart van New York. Hier waren veel toeristen.

 

 

Nadat we de sfeer even hadden geproefd gingen we eerst nog naar Central Park, om later te dineren op Times Square en de verlichting in het donker te zien. In Central park kwamen we binnen bij het beeld van Alice In Wonderland waar kinderen heerlijk op klauterden. Het was gezellig in het park. Het was mooi weer en het was zondag, dus er waren veel gezinnen even lekker in het park van de buitenlucht aan het genieten. In het park heb je niet het idee dat je middenin een wereldstad bent. Je kunt er wel echt tot rust komen. Wij hebben heerlijk op een bankje naar een eekhoorntje en mensen zitten kijken. Langs de Children’s  Zoo liepen we weer richting de stad en namen daar de subway naar Times Square, waar we bij het Hardrock Café gingen eten. Ik heb al veel gereisd en al veel Hardrock Cafés gezien over de hele wereld, maar ik had er nog nooit gegeten. Na het diner lekker genoten van alle lichtjes op Times Square en daarna was het tijd om ons hotel weer op te gaan zoeken. Gelukkig lag het hotel in een goede buurt en voelden wij ons ook ’s avonds daar op straat volkomen veilig. Ik voelde me overigens in heel New York erg op mijn gemak. Het gedrag van de New Yorkers lijkt erg op dat van de Nederlanders. Wat kleding betreft lijken New Yorkers en Nederlanders ook op elkaar. In New York kun je toeristen en New Yorkers niet van elkaar onderscheiden, doordat er zoveel verschillende mensen van zoveel verschillende nationaliteiten en culturen wonen en ook dat is in Nederland heel herkenbaar. Een mooie stad en wij hebben er in twee dagen heel veel van gezien.

 

Niagara Falls

De volgende dag was het voor ons tijd om te vertrekken uit New York. Vanaf Penn Station namen we de trein naar Newark Airport. Hier namen we de airtrain naar de autoverhuurmaatschappijen en daar stond bij Avis een auto voor ons klaar. Het leek ons niet geschikt om een auto in New York te huren, omdat we dan nog door het drukke New York zouden moeten rijden en dit was dus een zeer geschikte oplossing om dat te omzeilen. We reden door de staten Pennsylvania en New York naar het noorden, over interstate 81 en daarna naar het westen over de I90 richting Buffalo. Vanaf Buffalo was het nog een klein stukje naar Niagara Falls, het stadje is naar de watervallen genoemd. Het bestaat eigenlijk alleen uit hotels. Het heeft een Amerikaans en een Canadees deel. Toen we bijna bij het stadje waren zagen we in de verte al stoomwolken van opspattend water. De watervallen konden we nog niet zien. Wij hadden een hotel in het Canadese deel van het stadje, in de staat Ontario. Na een lange dag reizen kwamen we tegen de avond in Niagara Falls aan en kwamen daar voor de Rainbow Bridge, die ons naar Canada zou voeren, in de file te staan. Het schoot echt totaal niet op en na bijna een uur in de file kwamen we steeds dichter bij het drukke toeristische deel. We besloten de auto daar maar te parkeren en eerst in het Amerikaanse deel te gaan dineren. We hoopten dat de file te maken had met de avondspits en dat die tijdens het eten zou oplossen. Na het eten hadden wij weer nieuwe energie en we besloten richting de Falls te lopen om alvast even een kijkje te kunnen nemen.

 

 

De American Falls en de Bridal Veil Falls liggen beide geheel op Amerikaans grondgebied. Vanaf deze kant (Prospect Point) hadden we een heel mooi zicht op deze watervallen en we troffen het, want de zon ging net onder en die kleurde het water prachtig oranje. Dat was heel mooi om te zien. De Horseshoe Falls, die verderop lagen konden we niet zo heel goed zien, maar dat zou de dag erna nog wel komen. Nadat de zon was ondergegaan stapten wij weer in de auto en reden we verder in de file, die er nog steeds stond. Na niet al te lange tijd kwamen we bij de grens aan. We moesten ons aan de overkant van de brug melden om een auto te halen. Amerikanen mogen met een huurauto de grens niet over, maar buitenlanders mogen dat wel. Je moet dan wel zorgen dat je daar een formulier voor bij je hebt, waar je om moet vragen als je de auto ophaalt. We haalden een stempeltje bij een kantoortje en zagen daar een aantal agenten staan. Ik vroeg of er altijd zo’n file stond. Dat was niet het geval, het was de ene keer wel drukker dan de andere keer, maar dit keer was er extra drukte omdat er op dat moment in Toronto een muziek festival was, waar veel Amerikanen naartoe kwamen. Ik vroeg ook nog of het ’s ochtends erg druk was bij de grens, het antwoord was: “Hoe vroeger je komt, hoe rustiger het is.” 

Na een lange dag en drukke dagen in New York waren wij van plan om het die avond lekker rustig aan te doen, maar toen we over de brug reden bleek dat de watervallen ’s avonds verlicht waren. Dat zag er heel mooi uit en aangezien wij hier maar 1 nacht zouden slapen moesten we er dus die avond nog op uit. Vanuit ons hotel liepen we naar het centrum van het Canadese deel van Niagara Falls. Dit centrum leek meer op een pretpark dan op een stadje. Overal lichtjes, restaurantjes, attracties en crazy shops. Een hele poppenkast voor de vele toeristen. Nadat we het centrum door waren kwamen we aan de overkant van de watervallen te staan. We stonden nu recht tegenover de American Falls en de Bridal Veil Falls, die dan weer wit verlicht waren, dan weer in alle kleuren van de regenboog. Rechts lagen in de verte de Horseshoe Falls. Ze lagen op een behoorlijke afstand, maar toch werden we nog een beetje nat van de stuifregen van de Falls. Na dit bezoekje aan de Falls liepen we weer terug naar het hotel.  

  De volgende dag stonden we vroeg op om even vanaf de Canadese kant in het licht foto’s te kunnen nemen en de Horseshoe Falls even goed te bekijken. Ondanks dat we een goed uitzicht hadden op de Horseshoe Falls konden we ze toch niet zo goed zien, doordat de stuifregens ons uitzicht belemmerden. Hierna reden we snel over de Rainbow Bridge terug naar Amerika. Er stond geen file en we waren gauw aan de overkant. Daar wilden we een boottocht gaan maken, de Maid of the Mist. Voordat we aan boord konden gaan werden we eerst in een blauwe poncho gestoken met Maid of the Mist erop.

We hadden de bootjes al zien varen, vol met blauwe mensjes. Dat was wel een heel leuk gezicht. Nu gingen we dus zelf op zo’n bootje. Doordat we vroeg waren, was de boot niet helemaal vol. We konden heel mooi heen en weer lopen op de boot, zodat we van alle kanten foto’s konden maken. Eerst voeren we langs the American Falls en Bridal Veil Falls. Zo van onder leken ze nog indrukwekkender dan van boven. Je voelde het opspattende water en de poncho was dus niet overbodig. Vergeleken bij de Horseshoe Falls was dit echter nog niks. Bij de American en Bridal Veil Falls komt slechts 10% van al het water van de Niagara Falls naar beneden. De overige 90% stort bij de hoefijzervormige Horseshoe Falls naar beneden. Wat een geweld. Het water waar wij op voeren kolkte woest. Een muur van water stond tegenover ons. We werden echt kleddernat. Wat zijn ze toch groot die watervallen. Prachtig!

 

 

Na de Maid of the Mist liepen wij naar het Goat Island. Vanaf Goat Island heb je een mooi uitzicht op de Bridal Veil Falls en hier kun je ook de Cave of the Winds tour maken. Die wilden wij ook gaan doen. Hier kregen we weer een poncho, dit keer een gele, maar we kregen hier ook nog eens rubberen sandalen van de Cave of the Winds en die móesten we aantrekken. Met de poncho aan stonden we lekker te zweten in de rij, want het was inmiddels toch wel warm geworden. De rij was niet zo lang, maar we waren toch wel blij dat we aan de beurt waren. Maar…. toen we in de lift stonden deed de lift het niet. De liftbediende drukte nog op wat knopjes, maar er kwam geen beweging in, dus werden wij verzocht de lift te verlaten en op de andere lift te wachten. Na een paar minuutjes kregen we in de gaten dat die lift niet meer naar boven kwam. We hoorden mensen roepen. De andere lift zat halverwege vast. Er was een stroomstoring. Ineens was er veel bedrijvigheid. De parkranger kwam aanlopen, een beademingskapje in haar hand. Een manager liep onrustig heen en weer. Er moest ruimte gemaakt worden voor de lift, voor het geval iemand onwel boven aan zou komen. De brandweer stond paraat met brancard. Er was geen paniek, maar duidelijk gealarmeerdheid. Wij besloten op dat moment dat we, ook als de lift het weer zou gaan doen, wij niet naar beneden zouden gaan. Wat waren wij blij dat we niet net iets eerder in de lift stonden en naar beneden waren gegaan. Wij hadden net zo goed daar vast kunnen zitten. En dan met deze hitte, dat leek ons echt geen pretje. Opeens hoorden wij op de achtergrond ineens lawaai. De generator sloeg aan. En ja hoor, de lift kwam omhoog. De mensen die eruit kwamen waren zichtbaar opgelucht. Eén mevrouw voelde zich een beetje slapjes, maar verder was iedereen in orde. Er mochten geen mensen meer naar beneden. Eerst moesten alle mensen die nog beneden waren naar boven worden gehaald. De kassa was inmiddels gesloten. We hadden dorst en trek gekregen en kochten nog wat in het winkeltje. We waren net op tijd, want ook dat werd gesloten om stroom te sparen. De kiosk was al dicht. We liepen nog even verder naar Terrapin Point, waar we de Horseshoe Falls van dichtbij konden bekijken. We stonden er wel dichtbij, maar zo mooi als vanaf de boot zagen we ze hier niet.

 

Arlington Cemetery en Washington DC

Na dit bezoek reden we naar Clearfield waar we die nacht, op weg naar Washington DC, zouden overnachten. We reden een mooie route door allerlei kleine dorpjes. Dit was veel leuker rijden dan over de Interstate. De volgende dag reden we door Pennsylvania, Maryland en Virginia naar Washington. Washington DC, het District of Colombia hoort als hoofdstad van de USA bij geen enkele staat. Het is omringd door Virginia en Maryland, maar hoort er dus niet bij. Vlak voor Washington lag Arlington Cemetery waar wij eerst naartoe wilden. Op deze nationale begraafplaats liggen oud-presidenten, militairen, politici, rechters en onderzoekers van de US. We kwamen ook nog langs het Turkey Run Park. De omgeving daar zag er heel mooi uit, dus wilden wij daar een stukje gaan wandelen naar de Potomac River, maar het was er zo vochtig en heet dat wij na een paar honderd meter alweer terug liepen naar de auto.

  Het bezoekje aan Arlington Cemetery was in deze hitte ook geen pretje, maar dit wilden we toch echt zien. Met name het graf van J.F. Kennedy. Gelukkig stonden er overal langs de paden fonteintjes met drinkwater, waar we regelmatig even iets konden drinken. De aanblik van de vele witte kruisen, in perfecte rechte lijnen geplaatst, was indrukwekkend. De graven van de Kennedy’s liggen op een heuvel. Vanaf de heuvel kijk je richting Lincoln Memorial. Het is een serene plek. Na het bezoek aan dit graf liepen we naar het graf van de onbekende soldaat: The Tomb of the Unknown Soldier, waar net de wisseling van de wacht begonnen was. Dat troffen we dus. Deze soldaten waren in een compleet uniform gehuld. Ik voelde een diep respect voor deze heren, want het was toch wel heel erg heet en dan zo warm gekleed de wacht lopen, dat leek me echt geen pretje.

We moesten tijdens de avondspits dwars door de stad rijden. TomTom leidde ons er perfect doorheen. Toen we, nadat we ons geïnstalleerd hadden, met de auto op zoek gingen naar een restaurant bleek dat de buurt achter het hotel geen fijne buurt was. Gelukkig zaten we in de auto en waren we niet lopend op zoek gegaan naar een restaurant.

De volgende dag namen we een taxi naar de stad. We lieten ons naar het Capitool brengen, want wij hadden via internet een tour geboekt. Hier komen de House of Representatives en de US Senate al meer dan 200 jaar bij elkaar. In 1793 legde George Washington de eerste steen. We moesten eerst door een security check. Je mocht geen eten en drinken mee naar binnen nemen, dus moesten wij alle tussendoortjes die wij hadden meegenomen weggooien. Wij vonden dit zonde en begrepen niet waar dit voor nodig was. Ik begrijp nog dat men niet wil dat je binnen eet of drinkt, maar dat je helemaal geen drinken bij je mocht hebben terwijl het buiten hartstikke warm was vond ik erg raar. Waarschijnlijk had het meer met commerciële doeleinden te maken dan met een veiligheidsaspect. We moesten in de rij om onze boekingtickets te laten zien en kregen daarna een sticker op. We werden verzocht om op een bepaald tijdstip in de rij bij grote deuren te gaan staan. We konden eerst nog een klein museum/expositie over de US Capitol te bekijken. Toen we de deuren doorgingen kwamen we in een grote zaal met een groot scherm. Op dit scherm werd een film vertoond over de House of Representatives en de Senate en over de geschiedenis van de Amerikaanse politiek. Een politiek die duidelijk ook zijn weerklank op onze geschiedenis heeft gehad.

   

   

Hierna kregen we een rondleiding, eerst gingen we naar de Rotunda, de ruimte onder de koepel van de US Capitol, die 55 meter hoog is. Hier waren mooie schilderingen en beelden te zien, zoals de Apotheosis of Washington, een fresco middenin de koepel. We kwamen ook nog in de National Statuary hall, waar beelden van twee belangrijke burgers uit elke staat stonden. Een paar van deze beelden stonden niet in deze ruimte, maar in een andere, waar wij ook nog naar toe gingen. We kregen te horen dat The House of Representatives (huis van afgevaardigden) gesloten was, maar dat we de Senate wel konden bezoeken. We hadden hier al naar gekeken op internet, maar je kon alleen een toegangsbewijs voor de Senaat krijgen als je Amerikaans staatsburger was en een geschreven verklaring van een senator van je staat had. Nu we hier waren konden we gewoon naar een desk gaan en daar konden we toestemming krijgen om de Senate te bezoeken. Ook Amerikanen konden daar gewoon een verklaring van hun senator krijgen. We kregen een andere kleur sticker opgeplakt en moesten naar een andere security-check. We moesten dit keer onze foto- en videoapparatuur achterlaten.  Hierna mochten we op de tribune van the Senate plaatsnemen. De democraten zitten in de Senaat aan de ene kant, de republikeinen aan de andere kant. Er zat een voorzitster. Normaal is dit de vice-president, maar in zijn afwezigheid neemt iemand anders dat over. Ook waren er nog een paar secretarissen, griffiers en pages en nog wat andere mensen die zich bezig hielden met het papierwerk en het vastleggen van wat er gezegd werd. Er waren slechts twee senatoren aanwezig. Eentje hield een hele verhandeling over Elena Kagan en haar benoeming tot rechter in The Supreme Court, terwijl er eigenlijk niemand echt luisterde. Later hoorden wij op het nieuws dat ze later die dag inderdaad door een stemming van de Senate benoemd was. Nadat deze senator klaar was, was de volgende aan de beurt. Eigenlijk een heel saai gebeuren, maar wel heel bijzonder om het te mogen zien en horen.

Na dit bijzondere bezoek liepen we via een tunnel aan het gebouw zo The Library of Congress in. Een prachtig gebouw, met een prachtig beschilderd plafond. Langs het US Supreme Court liepen we hierna om het Capitool heen naar de voorkant van het gebouw. Aan de voorkant van The US Capitol, dat op Capitol Hill staat, ligt the National Mall, de lange strook grond tussen het Capitool en het Washington Monument. Langs de Mall liggen de vele musea van het Smithsonian die gratis te bezoeken zijn. Het was onmogelijk om alle musea in 1 dag te bekijken en dus kozen wij er een paar uit voor een bliksembezoekje. We gingen eerst naar het National Air & Space Museum. Hier zagen we o.a. oude vliegtuigen, een Tomahawk, raketten van de Russische en Amerikaanse luchtmacht en een Space Shuttle waar we een kijkje in konden nemen.  

Hierna liepen we naar het Museum of Natural History, waar we de skeletten van dinosaurussen zagen. Helaas geen echte beenderen, maar nagemaakt. Wel was er nog een echte schedel van een Triceratops. Toen we naar buiten gingen waarschuwde een bewaker ons, dat er een onweersbui met hele grote hagelstenen aankwam. Toen we buiten kwamen zagen we inderdaad een hele donkere lucht. Een enorme bui, die Washington DC naderde. We besloten nog even wat foto’s te gaan maken van het Washington Monument, een 169 meter hoge Egyptische zuil, die in 1848 gebouwd werd ter ere van George Washington. Halverwege de bouw moest men deze staken vanwege geldgebrek. Na 20 jaar kon men pas weer verder bouwen. Aan de twee verschillende kleuren van het onderste en bovenste deel kun je zien waar men moest stoppen.

  Het Monument stak geweldig mooi licht af tegen deze donkere lucht en was op deze manier heel mooi te fotograferen. De bui kwam nu toch wel dichtbij en dus zochten wij een schuilplek in het Smithsonian Visitor Information Center in The Smithsonian Castle, waar we een collectie bekeken van de bijzondere broches van Madeleine Albright, voormalig minister van Buitenlandse zaken van Amerika. Het onweer barstte los en daarna is het bijna de hele middag niet meer droog geweest. Toen het even een klein beetje droger was liepen wij naar The White House, waar sinds 1791 de president van de VS woont en nu dus de woning van Barak Obama. Door een hek aan de voorkant van het Witte Huis kun je het huis fotograferen.

Nadat we klaar waren met fotograferen begon het alweer heel hard te regenen. We liepen in onze poncho’s richting het Second World War Memorial, in de hoop dat het droog zou worden, maar dat werd het niet meer, dus liepen we vanaf dit monument door naar het Korean War Memorial, een mooi monument, 19 roestvrijstalen soldaten lopen er door de bosjes van het West Potomac Park. We waren toen vlakbij het Lincoln Memorial. Lincoln zit hier op een zetel in een enorme tempel met zuilen. We wilden vanaf hier een taxi nemen naar ons hotel, maar we konden zelfs bij de taxi-standplaats geen taxi krijgen. Er schenen bomen op de weg gewaaid te zijn tijdens het onweer en er reden op dat moment maar heel weinig taxi’s en de twee taxichauffeurs die wij vroegen, wilden ons niet naar het hotel brengen. Wij vonden dit maar vreemd en niet zo vriendelijk en gastvrij. Het onweerde niet meer, maar regende nog wel. Voor ons was er maar 1 oplossing en dat was de metro nemen richting hotel. Toen we daar aankwamen was het eindelijk weer droog.

 

 

Salt Lake City

We moesten de volgende dag vroeg vertrekken naar het vliegveld van Baltimore, wat op ongeveer een half uur rijden van Washington ligt. We vlogen die dag via Chicago naar Salt Lake City, de hoofdstad van de staat Utah en de stad van de Mormonen. Waar Amerika in het oosten nog groen is en wat natuur betreft redelijk op ons land lijkt, was het hier meteen heel droog en woestijnachtig. Vanuit de lucht zag je de witte vlaktes langs het Great Salt Lake. Nadat we onze tweede huurauto hadden gehaald en in ons hotel waren aangekomen, liepen wij naar het centrum van de stad. De stad is in 1847 gesticht door Bingham Young en een aantal andere Mormoonse pioniers, die naar deze kale plek vluchtten,omdat hun geloof elders niet werd geaccepteerd. Op deze plek, een plek waar niemand anders wilde wonen, stichtten zij hun eigen stad. Deze stad vormt het centrum van de Heiligen der Laatste Dagen of The Church of Jesus Christ of the Latter-day Saints. Het gezin is in dit geloof heel belangrijk, polygamie was/is binnen dit geloof niet vreemd. Op jonge leeftijd gaan Mormonen op zending, om hun geloof uit te dragen.

   

 

 

Toen wij Temple Square op kwamen lopen, werden we ook meteen door twee zendelingen aangesproken. Zij wilden ons wel een rondleiding geven en ons meer vertellen over hun geloof. Wij bedankten vriendelijk en liepen verder. Langs the Assembly Hall, waar voorstellingen worden gegeven en The Tabernacle, waar het wereldberoemde Mormon Tabernacle Choir repeteert en optreedt naar de Salt Lake Temple, het heilige gebouw, dat alleen geopend is voor Mormonen, waar Temple Square naar is genoemd. We zagen hier wel vier bruidsparen. Hele jonge bruidsparen. Dit was dus duidelijk een populaire plek om te trouwen. In het Joseph Smith Memorial Building wilden wij gaan dineren in een restaurant op de 10e verdieping, maar het bleek een erg luxe restaurant en daar waren wij op dat moment niet op gekleed. We konden vanaf deze verdieping wel mooi over Temple Square uitkijken en foto’s maken. Achter de Salt Lake Temple pakten donkere wolken zich in de verte samen. Wij hoopten dat het droog zou blijven totdat wij terug in het hotel waren. In de centrale hal van het Joseph Smith Memorial Building stond een standbeeld van Joseph Smith, de profeet van de Mormonen. We liepen nog even naar The Lion House Pantry en Beehive House. In zowel The Beehive House als The Lion House heeft Bingham Young gewoond. In de verte zagen we nog de koepel van de Utah State Capitol liggen, die verdacht veel lijkt op de US Capitol, hierna liepen wij weer terug naar het hotel.

Yellowstone NP en Grand Teton NP

De volgende dag vertrokken we richting Yellowstone NP. We reden die dag een heel stuk door de staat Idaho naar West-Yellowstone, een toeristisch plaatsje net buiten Yellowstone NP, dat in Wyoming ligt. Het park is 890.300 ha groot en ligt op een plateau dat tussen 2100 m en 2400 m hoog ligt. Doordat het zo hoog ligt was het hier een stuk kouder dan in Salt Lake City. Yellowstone wordt ook doorkruist door de Continental Divide, een serie bergketens die van Canada, dwars door Amerika, naar Mexico lopen. Het Yellowstone NP staat vooral bekend om haar prachtige natuur en de vele vormen van vulkanische activiteit die er heersen. Er zijn ruim 10.000 geothermische verschijnselen te vinden, waarvan ongeveer 300 geisers. Er leven ook nog eens heel veel dieren in het park, waaronder bizons, elanden, coyotes, wolven en beren. We besloten nadat we ingecheckt hadden in ons sfeervolle hotel meteen het park in te rijden. Via internet hadden we goedkoop een Nationale Parken Pas op de kop weten te tikken, die al eens was gebruikt, maar waar een van ons ook nog een handtekening op kon zetten. Dit betekende wel dat Nathalie elke keer als wij een Nationaal Park in reden achter het stuur moest zitten, want aan de hand van haar rijbewijs werden elke keer haar ID en haar handtekening gecheckt. In de parken hebben wij nooit controle gehad en reed ik ook regelmatig. Via de West Entrance reden wij het park binnen. We reden langs de Madison River naar de Madison Junction. We zagen hier de gevolgen van de North Fork Fire bosbrand in 1988. De film Firestorm is op deze bosbrand gebaseerd. De bosbrand kwam toen op minder dan 800 m van het stadje West-Yellowstone en heeft enorme stukken bos weggevaagd. Wij zagen heel veel dode grijze boomstammen liggen. Hele hellingen van verbrand bos. Het kost de natuur tientallen jaren om van zo'n bosbrand te herstellen. Vanaf Madison reden we naar het zuiden waar we de de toeristische Firehole Canyon Drive gingen rijden. Een korte eenrichtingsverkeerweg langs de Firehole River en de Firehole Falls. In de Firehole River kan worden gezwommen, maar daar was het ons veel te koud voor. Bij de Firehole Falls zagen wij een paar eekhoorntjes lopen, die in holletjes tussen de rotsen leken te leven.

We reden nog zuidelijker naar de Fountain Paint Pot. Al vanaf grote afstand kon je de stoomwolken vanaf de weg zien. Het geothermische gebied lag dan ook tegen de weg aan en was dus niet moeilijk te vinden. We zagen hier prachtig gekleurde poelen, pruttelende modderpoelen en een heel veld waar water en stoom uit naar boven bruiste. Het was prachtig. En dan waren we nog maar net in Yellowstone. Wat zou ons de komende dagen nog brengen.... We reden nog iets verder door naar het zuiden en namen daarna de Firehole Lake Drive weer naar het noorden. Langs deze weg ligt de Great Fountain Geyser, die slecht eens in de 11 uren uitbarst. Bij de geiser stond een bordje met daarop de tijd aangegeven waarop hij voor het laatst was uitgebarsten en zo wisten wij dat hij pas 's nachts weer opnieuw tot uitbarsting zou komen.  

Even verderop lag de White Dome Geyser. We konden aan de natte grond om de geiser heen zien dat hij pas nog was uitgebarsten, maar hadden geen idee hoe vaak deze geiser uitbarstte. Nadat we een kwartiertje hadden gewacht besloten we terug te rijden naar het hotel, want aan de hemel verschenen alweer donkere onweerswolken, het drupte inmiddels al een beetje en het begon snel af te koelen nu de zon bijna onder was.

                       

De volgende ochtend stonden we om 6 uur op want we wilden die dag heel veel gaan zien. Wij hadden nog maar twee dagen in Yellowstone NP en als we alles wilden zien, wat we wilden zien, dan moesten we wel de hele dag meepakken. Het was nog erg koud toen we weer naar de West Entrance reden. Nog voor Madison Junction zagen we onze eerste bizons. Ze stonden rustig te grazen langs een parkeerterreintje en wij konden daar dus mooi even parkeren. We pasten allebei goed op dat we niet te dicht bij de bizons in de buurt kwamen, want ze kunnen, ondanks dat ze er lief uitzien, toch heel gevaarlijk zijn. We reden terug naar de Firehole Lake Drive, want we hadden in een boekje gelezen dat de White Dome Geyser elk half uur uitbarstte en dat wilden we toch wel even gaan zien. We moesten er ongeveer een kwartiertje op wachten en toen spoot er inderdaad water uit de rots omhoog. We vonden het jammer dat het nog erg mistig was, waardoor we het niet heel goed konden zien. Dat was het nadeel van ons vroege vertrek, de mist. Even verderop stonden mensen ergens naar te kijken. Een kleine geiser, de Pink Cone Geyser was aan het spuiten. Ze bleef maar spuiten, een rechte straal water hoog de lucht in. In de druppels die naar beneden vielen zagen we een regenboog verschijnen. Dit was prachtig om te zien. Een gids die aan kwam rijden vroeg hoe lang ze al aan het spuiten was. Wij wisten het dus niet, maar wij hebben haar toch zeker een half uur zien spuiten en toen we wegreden spoot ze nog steeds. De gids vertelde dat ze inderdaad heel lang kon spuiten, maar dat ze heel onregelmatig spoot, niet zoals de White Dome Geyser, die 1x per anderhalfuur spoot. Dat was dus een heel ander verhaal dan de 30 minuten waar wij over hadden gelezen. Nog een geluk dat we niet langer dan een kwartier op White Dome Geyser hadden staan wachten. Het is de natuur en White Dome Geyser was dus sinds de druk van het boekje minder vaak gaan spuiten.

     

         

  We reden verder over de zuidelijke loop naar het Midway Geyser Basin, waar de Grand Prismatic Hot Spring te vinden is. Een grote bron met prachtige kleuren. Wij konden van die kleuren helaas heel weinig zien omdat het nog steeds erg mistig was en die mist vooral boven het water van de spring bleef hangen. Iets verder naar het zuiden bij het Biscuit Basin waren veel pruttelende potjes, poeltjes en mini-geisertjes. Erg leuk om die geothermische activiteit te bekijken. In dit deel van Yellowstone NP is de aarde bijna overal in beweging. Bij het Black Sand Basin lagen een paar prachtige gekleurde poelen, waaronder de Opalescent Pool. Af en toe regende het even, maar we hoefden steeds niet ver te lopen om deze geothermische gebiedjes te bekijken.

Het volgende gebied waar we naar toe gingen was het gebied bij Old Faithful Geyser in het Upper Geyser Basin. Van een aantal geisers weet men exact hoe lang het duurt voordat zo'n geiser weer uitbarst. Old Faithful is de betrouwbaarste en de meest voorspelbare geiser en spuit tot zo'n 55 m hoog. Hij barst meestal tussen de 45 en 90 minuten uit, maar men kan er op ongeveer 10 minuten nauwkeurig vertellen wanneer Old Faithful gaat uitbarsten. Hier kun je dus echt gaan zitten wachten en dat doen mensen dan ook. Er staan bankjes waar je op kunt zitten. Toen wij aankwamen zagen wij Old Faithful meteen al vanuit de verte spuiten, dat was mooi om te zien, maar we zijn een uur later nog wel en keer terug gegaan om de geiser van dichtbij te zien uitbarsten. Als er veel publiek bij Old Faithful zit weet je dat hij zeer snel zal uitbarsten. Even later kwam er een enorme bui aan. Gelukkig was het binnen een half uur weer droog en konden wij van de rest van het Upper Geyser Basin gaan genieten. Bij het Visitors Center kun je informatie krijgen over wanneer de betrouwbaarste geisers in het gebied gaan uitbarsten, het zijn er vijf. Old Faithful, Daisy, Castle, Grand en Riverside. Dat de tijden van het uitbarsten van deze geisers goed te voorspellen zijn betekent niet dat je exacte tijden krijgt. Je krijgt twee tijden waartussen de geiser waarschijnlijk uit gaat barsten. Bij sommige geisers betekent dat, dat je in het slechtste geval vier uur erop moet wachten. Wij gingen naar Riverside Geyser, die men op 45 minuten voor en na, kan voorspellen. We liepen eerst nog langs allerlei prachtige kleine pruttelende potjes en zagen de Aurum Geyser nog uitbarsten, deze barst om de 3-4 uur uit en de uitbarstingen duren maar 90 seconden, dus wij hadden heel erg veel geluk. het is een mooie kleine geiser, die tot ongeveer 7 m hoog spuit. Even verderop barstte ook de Grand Geyser uit. De Grand Geyser is op 2 uren voor en 2 uren na de uitbarsting te voorspellen, in het slechtste geval sta je dan dus vier uren te wachten en daar wilden wij niet voor gaan zitten, maar nu kregen we deze uitbarsting dus zo in onze schoot geworpen. Hij bleef best lang spuiten, veel langer dan de kleine vijf minuten van Old Faithful. Grand Geyser spuit redelijk hoog, zo'n 60 meter en dus nog hoger dan Old Faithful. De Giant Geyser, Grotto Geyser en Castle Geyser waren eigenlijk de hele tijd wel actief, dus ondanks dat we geen grote erupties zagen waren dit toch wel mooie geisers om even bij staan te kijken.

Castle Geyser

 

 

Aurum Geyser

 

Old Faithful Geyser

 

 

Grand Geyser

 

 

 

Giant Geyser

 

 

 

 

 

Riverside Geyser

Doublet Pool

 

Chromatic Pool

 

Morning Glory Pool

Andere mooie plekjes op het Basin zijn: Doublet Pool, Beauty Pool en Chromatic Pool. Vlak bij de Riverside Geyser ligt ook nog de Morning Glory Pool die erg mooi is. Wij zaten ongeveer een uur te wachten aan de Firehole River toen de Riverside Geyser uitbarstte. Deze geiser ligt, zoals de naam al aangeeft, aan de rivier en spuit het water dan ook uit over de rivier. de Riverside Geyser spuit tot 23 m hoog en blijft ongeveer 20 minuten spuiten. In de verte zagen we Old Faithful nog een keer spuiten en daarna besloten wij verder te rijden. Via Craig Pass op de Continental Divide reden we naar het West Thumb Geyser Basin. Dit is een mooi, maar niet heel actief Basin, aan het Yellowstone Lake. De ligging van het Basin is erg mooi. In het water van het meer ligt nog de Fishing Cone. Wie een vis vangt in het water van het meer kan deze in het kokende water in de krater laten zakken en de vis direct koken. Via Mud Volcano en Sulphur Caldron (met een Ph waarde van bijna 1, héééél erg zuur) reden we door de Hayden Valley naar Canyon Village waar we gingen eten.

Nog voor de Hayden Valley zagen we al een aantal bizons, waar we mooie foto's van konden nemen. Later in de Hayden Valley kwamen we terecht in een kudde overstekende bizons. Grote stieren en koeien met kalfjes, ze liepen naast, voor en achter onze auto over de weg. Het verkeer stond steeds stil, doordat er steeds maar weer bizons overstaken. De parkranger stond op de parkeerplaats om ervoor te zorgen dat mensen die daar de auto uitstapten niet in gevaar kwamen. De bekende foto's van campers en bizons op de weg hebben wij dus ook kunnen maken. Na het diner in Canyon Village reden we door het donker en opnieuw een hele dikke onweersbui langs het Norris Geyser Basin terug naar West Yellowstone.  

De laatste dag in Yellowstone reden we via de Artist Paintpots, die wij niet heel bijzonder vonden, naar het Norris Geyser Basin. In het Norris Geyser Basin is de Steamboat Geyser, dit is van alle geisers ter wereld de geiser die het hoogste spuit, tot meer dan 90 m hoog. de laatste uitbarsting van de Steamboat Geyser was in mei 2005 en het is niet te voorspellen wanneer hij weer zal uitbarsten. Tegen beter weten in hoopten we dat dat net op het moment dat wij er waren zou gebeuren, maar helaas. De Steamboat Geyser produceert vooral na een uitbarsting heel veel stoom. Ondanks dat de geiser al heel lang niet een grote uitbarsting heeft gehad is de geiser nog steeds erg actief en spuit van tijd tot tijd toch wel wat water een paar meter (3 tot 5 m) de lucht in. Het Norris Geyser Basin is heel groot en met veel geothermische activiteit, maar omwille van de tijd zijn wij er toch niet zo lang gebleven. Wij wilden snel op weg naar Mammoth Hot Springs. Langs de Roaring Mountain en over de Golden Gate Pass reden we daar naartoe. De rotsachtige berg Roaring Mountain rommelt, soms een beetje, soms heel erg en er komt stoom uit, vandaar dat de Native Americans de berg Roaring Mountain noemden. Mammoth Hot Springs is een geothermaal gebied dat heel anders is dan de andere Basins. Er zijn twee terrassen, het Lower en Upper Terrace, waar het water langs de kalksteen (travertine) naar beneden sijpelt. Doordat de travertine in het hele hete water oplost en zich later weer op de randen afzet ontstaan er prachtige richels kalksteen in het water. Vooral bij de Canary Spring op het Upper Terrace is dat goed te zien. Het is een prachtig gebied, zo anders dan de rest en heel mooi om te zien.

   

   

Op het Lower Terrace is nog The Orange Spring Mound, die vooral wat kleur betreft erg mooi is. Op het traject wat volgde zagen we tot tweemaal toe auto's stoppen langs de kant van de weg. Wij hoopten dat we nog een beer zouden zien, dus stopten wij ook. De eerste keer was het helaas geen beer, maar waren het prong horns of gaffelbokken, maar de tweede keer bleek het inderdaad een beer te zijn. Een zwarte beer. De beer liep in een klein valleitje langs de weg. Hij was van boven goed te zien. Het leek even alsof hij naar de weg toe zou komen, maar waarschijnlijk bedacht hij zich toen hij al die mensen zag staan. Een beer... we hebben een beer gezien..., natuurlijk leven er heel veel beren in Yellowstone, maar het is absoluut niet zeker dat je ze ook zult zien als je daar bent, wij hadden dus erg veel geluk, want wij waren er tenslotte maar twee dagen. het is verbazingwekkend hoe snel er ineens een menigte mensen staat te kijken. Wij waren als een van de eerste auto's gestopt en konden op een kleine parkeerplaats staan, maar even later stonden de mensen zelfs midden op de weg geparkeerd om maar uit te kunnen stappen om een beer te kunnen zien. Ook was het interessant om te zien hoe snel er een parkranger ter plaatse is als er een beer is gespot, het duurde nog geen vijf minuten.

 

 

Onze laatste stop was bij de 40 m hoge Tower Falls en daarna reden we door naar Grand Teton National Park. We reden weer langs Canyon Village en West Thumb om bij de South Entrance Yellowstone te verlaten en Grand Teton NP binnen te rijden. Langs Jackson Lake en Jenny Lake reden we naar het zuiden. Voorbij Jenny Lake konden we de Tetons mooi zien liggen. het nationale park is genoemd naar de Grand Teton, maar je hebt ook nog de Middle Teton en de South Teton. We overnachtten die nacht in een echt cowboy stadje, Jackson Hole, waar je nog echte saloons hebt. 

                                

 

Bryce Canyon NP

Vanuit Jackson Hole reden we in 1 dag naar Salt Lake City terug. Op het eerste deel van de route zag ik in gedachten mensen met huifkarren over de heuvels trekken, op zoek naar en nieuwe plek en een nieuw leven in het westen halverwege de 19e eeuw. Het is er nog steeds erg afgelegen en de natuur is prachtig. De dag erna reden we door naar Bryce Canyon NP. Over de belangrijke en grote Interstate 15 reden we in een rap tempo naar het zuiden. Vlak voordat we bij Bryce Canyon kwamen reden we nog door de Red Canyon in Dixie Forrest NP. De Red Canyon is inderdaad een heel stuk roder dan Bryce Canyon. In Bryce Canyon stopten we eerst even bij het Visitors Center en daarna reden we naar Sunrise Point en liepen we door naar Sunset Point. Je hebt hier een prachtig uitzicht over het amfitheater van Bryce Canyon, zoals men de prachtige vallei met puntige rotsformaties noemt.

 

 

 

Vanaf het Sunset Point start de Navajo Loop Trail die tot beneden in de canyon leidt. Het is een redelijk zware wandeling, vooral tijdens de warmte van de Amerikaanse zomer, want je moet best een eind dalen en later weer klimmen, maar het is wel een hele mooie wandeling tussen de rode rotsen en sparren door. Hierna reden we over de 18 miles lange route over highway 63 langs de vele lookout points van Bryce Canyon NP. We stopten bij Inspiration Point, Bryce Point, Swamp Canyon, Farview Point, Natural Bridge, Agua Canyon, Ponderosa Canyon en Rainbow Point. Bijna elk lookout point heeft weer een ander uitzicht, maar zo mooi als bij het amfitheater was het eigenlijk nergens meer. Ik zou een ander aanraden om eerst naar Rainbow Point te rijden en dan alle lookouts te bekijken op de weg terug, zodat je het amfitheater (Bryce's hoogtepunt) voor het laatst bewaart.

Antelope Canyon (Lake Powell)

Ook deze dag moesten we weer vroeg opstaan. Om 7 uur vertrokken wij uit het hotel op weg naar Page. Vlak voordat we bij Page waren reden we nog langs Lake Powell, een prachtig blauw gekleurd stuwmeer in een mooie rode rotsachtige omgeving. Amerikanen gaan hier graag met hun bootje op vakantie. We reden over de grote Lake Powell stuwdam en stapten daar nog even uit om foto’s te maken. Bij Page vind je de Lower en de Upper Antelope Canyon. We passeerden op weg naar Page de grens van Utah naar Arizona en in Arizona kent men geen zomertijd, waardoor het in Arizona een uurtje vroeger was. Dat scheelde tijd en op die manier konden wij in de ochtend misschien nog naar de Lower Antelope Canyon, want voor de Upper Antelope Canyon hadden wij geboekt voor een tour om 13.30 u. 

  De Lower Antelope Canyon is het mooist in de ochtend en de Upper Antelope Canyon is het mooist rond het middaguur. De Lower Antelope Canyon is wat breder en je moet er via trappen naar beneden klimmen. Dat is iets avontuurlijker dan de Upper Antelope Canyon, die heel kort en smal is en waar je met een terreinwagen zo naartoe gereden wordt. Wij hadden al vanuit Nederland bij Roger Ekis geboekt voor de tour door de Upper Antelope Canyon en dat was ook echt wel nodig, want toen wij een aantal weken van tevoren boekten zat de 11.30 u tour al helemaal vol en de dag dat we er waren bleken alle tours al vol te zitten. Beide Canyons zijn niet zo groot, maar je kunt er prachtig fotograferen. Als je heel goed kunt fotograferen kun je voor de Upper Antelope Canyon zelfs een fototour boeken, je gaat dan net wat eerder dan de andere toeristen de Canyon in en krijgt tips voor de instellingen van je camera.

Toen wij na enig zoekwerk met informatie van het internet en met veel hulp van TomTom bij de Lower Antelope Canyon aankwamen bleek daar een enorme rij te staan. De Lower Antelope Canyon kun je niet van tevoren boeken en voor een ieder die in de rij gaat staan is hier dus een plekje. Iedereen moet hier wel een verklaring tekenen, dat bij ongelukken de touroperator niet aansprakelijk is. Het grootste gevaar in de Canyon is plotselinge regenval, de Canyon overstroomt dan snel, omdat al het water wat er dan valt door de nauwe kloof wordt geperst en dat is voor bezoekers die dan beneden zijn heel gevaarlijk. Het was er heel erg heet en het schoot maar niet op, we hoorden ook nog eens dat door overstromingen in het weekend daarvoor de helft van de kloof was afgesloten en dat de tour onder begeleiding zou zijn (als het er niet erg druk is mag je soms, nadat je met een gids naar beneden bent gegaan, op eigen houtje door de kloof wandelen). Doordat het zo lang duurde zouden wij ons nog erg moeten haasten om weer op tijd in Page te komen voor de tour naar Upper Antelope Canyon en wij besloten op dat moment niet meer de Lower Antelope Canyon in te gaan en uit de rij te stappen. We hadden dus achteraf niet zo vroeg op hoeven te staan. We zochten in Page een mooi plekje op waar we koel konden wachten tot het tijd werd voor onze Upper Antelope Canyon tour. We hadden gehoord dat je met een statief mooiere foto's kunt maken en we hadden 's ochtends toen we bij Roger Ekis langs reden een statief gereserveerd. Als je geen statief bij je hebt kun je er daar namelijk eentje huren, maar... ze hebben er slechts twee.

       

Om half twee vertrokken we met een terreinwagen met nog andere toeristen naar de Upper Antelope Canyon. Er gingen nog ongeveer acht andere terreinwagens en busjes met toeristen die kant op. Wij waren de laatsten die bij de kloof arriveerden en vonden het veel te druk in de kloof. Met onze statieven konden we inderdaad mooiere foto’s maken, doordat we nu een langere sluitertijd konden gebruiken, maar er was in de nauwe kloof bijna geen plek om het statief te plaatsen, omdat mensen allemaal op hetzelfde punt moeten staan om de mooiste plaatjes te schieten. Verder is er nauwelijks tijd om alles goed neer te zetten en in te stellen, want je mag maar een uur in de kloof blijven en de gids gaat op een snel tempo er doorheen. In de kloof mag je niet flitsen, want daardoor wordt het licht veel minder mooi en anderen hebben dan ook last van jouw flits op hun foto. Het was er echt hartstikke druk, maar doordat je steeds de wanden van de kloof boven je fotografeerde had je gelukkig meestal geen mensen op de foto. Het was erg moeilijk om een foto te maken van de kloof waarbij je ook de zandbodem kon zien, maar op de terugweg door de kloof is het me toch nog gelukt. De kloof is maar ongeveer 90 meter lang en soms niet breder dan een meter. De wanden komen tot zo’n 40 m hoog. Ik vond het bezoek aan deze Canyon erg mooi, vooral vanwege de prachtige foto’s die ik er heb kunnen nemen.

Monument Valley (Monument Valley Navajo Tribal Park)

  Na dit bezoek reden we door naar Monument Valley in het Navajo Tribal park. We reden vanaf het zuiden naar Monument Valley en zagen al snel hier en daar wat grote rotsen in het vlakke landschap omhoog steken. In 1997 was ik hier ook, maar toen kwamen we vanuit het noorden op Monument Valley aanrijden en dat vond ik indrukwekkender, want toen doemden de rotsen ineens voor ons in de verte op.

Bij Monument Valley aangekomen maakten we natuurlijk mooie foto’s. We waren nog steeds in Arizona, maar nadat we Monument Valley voorbij waren kwamen we weer in Utah en ging de klok weer een uur vooruit. We overnachtten in Mexican Hat, iets ten noorden van Monument Valley, eigenlijk nog net in de vallei. Dit was echt op een schitterende plek, heel afgelegen. De volgende dag reden we dus vanaf Mexican Hat vanuit het noorden terug naar Monument Valley en nu zagen we inderdaad de Monuments (rotsformaties) voor ons opdoemen.

   

 

 

We reden naar het Visitors Center en keken van daar uit over de rotsformaties. Er is een scenic drive van 17 miles langs de diverse rotsformaties, maar deze weg is onverhard en op onverharde wegen was onze huurauto niet verzekerd, dus wij wilden, ondanks dat de weg er goed begaanbaar uit zag, het risico niet nemen. De entree voor Monument Valley valt niet onder de Nationale Parken Pas, want dit is geld voor de Navajo Indianen van het Navajo Tribal Park.

Grand Canyon NP

We reden hierna weer door richting de Grand Canyon. Voordat we bij de Grand Canyon aankwamen reden we nog langs de Little Colorado River Gorge. Voor $2 kun je hier een kijkje nemen vanaf een plateau. Er staan hier ook allemaal Navajo Indianen souvenirs te verkopen. Langs de South Rim van de Grand Canyon zijn allemaal lookout points. Wij kwamen vanuit het oosten aanrijden en stopten bij het eerste lookout point, Desert View. Je ziet hier meteen de prachtige door de Colorado River uitgesleten Grand Canyon. We reden hierna nog door naar Navajo Point en Lipan Point. Helaas begon onze auto rare geluiden te maken die wij niet konden plaatsen. Als we langzaam reden was het net alsof er iets over de grond sleepte, maar na een grondige inspectie wisten we dat er niks onder de auto hing.   

We besloten de andere viewpoints maar over te slaan en direct door te rijden naar het Visitors Center en alleen nog bij Yavapai Point te stoppen. Hier hebben we nog even voor de laatste keer over de Canyon uitgekeken. We verbaasden ons over de gevaarlijke toeren die men uithaalde om mooie spectaculaire foto’s te kunnen maken.

  Ook verbaasden we ons over het feit dat er geen hekken stonden om deze mensen tegen zichzelf te beschermen. Vanuit ons hotel in Tusayan, dat net buiten het Nationale Park ligt, belden wij Alamo bij wie wij de auto hadden gehuurd. We werden lang in de wacht gezet, maar uiteindelijk werd er iets voor ons geregeld, er zou iemand naar Flagstaff vliegen om daar een auto voor ons te regelen en dan zou die waarschijnlijk rond een uur of elf die avond bij het hotel worden afgeleverd. Wij vonden dit wel een goede service, geen monteur sturen, maar meteen een nieuwe auto en we hoefden niet zelf met een kapotte auto naar Flagstaff te rijden wat we eigenlijk verwacht hadden.

We gingen snel even een hapje eten en wachtten op de auto. Maar er kwam geen auto, wel telefoon, het was te gevaarlijk om in het donker nog richting Tusayan te rijden, vanwege de vele dieren die er in het wild leven en ’s nachts de weg oversteken, of ze de auto ook de volgende ochtend konden brengen. Dat kon, jammer, want ik was van plan om eens een keertje uit te slapen, terwijl Nathalie een rondvlucht met een helikopter boven de Grand Canyon zou maken. Die rondvlucht had ik in 1997 al gemaakt en ik vond het te prijzig om dit nu weer te doen. Dus ik wachtte die ochtend op de auto.

We kregen een groene Beetle. Een hele leuke auto, maar niet erg geschikt. Hij werd van een trailer gereden en onze andere auto werd weer meegenomen naar Flagstaff. Toen Nathalie weer terugkwam van het vliegen konden we dus met een goede auto vertrekken naar Las Vegas. Wat ik al vermoedde toen de auto voor kwam rijden bleek waar te zijn, er pasten geen twee reistassen in de kofferbak van de Beetle. Ook had de auto zwart (nep)leren bekleding, die in de zon (het was dik 30 ˚C) heel erg heet was, zodat het pijn deed als je weer in de auto ging zitten. Wij besloten dus dat we in Las Vegas Alamo zouden opzoeken en zouden proberen om de auto weer in te ruilen. Achteraf vond ik het nog wel een beetje jammer dat ik niet mee was gegaan op de helikoptervlucht.  

Vroeger mochten de helikopters door de Canyon vliegen, dit was natuurlijk heel spectaculair, maar ook gevaarlijk. In 1997 was het al verboden om door de Canyon te vliegen en de helikopter bleef toen ver boven de Canyon hangen. Nu zag ik aan de foto’s van Nathalie dat de helikopters alweer veel lager mogen vliegen, wat een rondvlucht boven de Grand Canyon een stuk mooier maakt.

Route 66, Lake Mead en Hoover Dam

 

  We vertrokken uit Tusayan richting Las Vegas. De snelste route gaat over de Interstate 40, maar wij reden van Seligman naar Kingman een stukje over de Route 66. Voor Seligman stopten wij eerst bij een tankstation waar ze een souvenirwinkeltje hadden met o.a. allemaal Route 66 souvenirs.In Seligman heb je Delgadillo’s Snow Cap Drive-In, een zeer bijzondere plek om even te stoppen voor een  koude cola. Er is van alles te zien en er valt veel te lachen. Alles is vreemd, zelfs de toiletten. Naast Delgadillo’s Snow Cap staan een aantal oude auto’s. De eigenaar is een verzamelaar van curiositeiten. Hierna reden we door de woestijn naar Las Vegas.  
 

Op een paar miles voor Las Vegas reden we over de Hoover Dam, een stuwdam die ervoor heeft gezorgd dat Lake Mead is ontstaan en die tussen 1931 en 1936 is gebouwd. De Hoover Dam zorgt ervoor dat Las Vegas genoeg water en stroom heeft, want er wordt ook veel stroom opgewekt. We zijn bij de Hoover Dam, waar ze ergens tussen 1997 en nu een hele grote parkeergarage hebben gebouwd, even gestopt. Die parkeergarage was fijn, want zo konden we de auto in de schaduw zetten. Hier in de woestijn was het zo’n 40 ˚C. We zijn even bij de dam gaan kijken maar zijn niet de hele dam over gelopen, daarvoor was het ons veel te heet.

Las Vegas

Toen we  even later naar Las Vegas reden zagen we de stad al van kilometers afstand. Vooral de hoge gebouwen van De Strip zag je al van verre. Voor de rest is er in Las Vegas veel laagbouw. We reden eerst om de stad heen naar het vliegveld, waar we op zoek gingen naar Alamo. Bij Alamo deden ze helemaal niet moeilijk. Toen wij ons verhaal deden en zeiden dat we de auto te klein vonden en graag een auto wilden met een kofferbak waar twee reistassen in konden werden we meteen geholpen en kregen direct een grotere auto mee. Huurauto nummer 4 inmiddels, op deze reis.

Toen we de stad in reden, reden we eerst naar de Stratosphere Tower. Op deze toren die hoort bij het Stratosphere Tower Hotel en Casino kun je op 300 m hoogte in drie spectaculaire attracties. Vroeger was er op deze toren een achtbaan, maar die gaf steeds problemen en nu zijn er dus andere attracties voor in de plaats gekomen. Jammer, want ik ben een achtbanenfreak en had in 1997 niet de tijd om in die achtbaan te gaan en nu was deze er dus niet meer. Wel staat er de Big Shot, waarin je met 70 km/u zo'n 50 meter omhoog wordt geschoten langs een paal. Die ging ik uitproberen. Verder heb je nog de X-Scream, waarin je in een bakje een vrije val over de rand van de toren maakt en dan weer achteruit gaat en de Insanity, een arm met bakjes die draaien en die over de rand van de toren steekt. Je hangt dus 300 m boven de grond te zweven. De laatste twee vond ik met mijn lichte hoogtevrees te eng. Vanaf de toren hadden we een mooi uitzicht over de Strip. We hadden de auto geparkeerd bij het casino. Bij elk casino is wel een parkeergarage waar je gratis kunt parkeren. Als je een auto bij je hebt is dit dus veel goedkoper dan met het openbaar vervoer of de taxi. De Strip is 6,4 km lang, dus je kunt ook gaan lopen, maar vooral overdag als het ongeveer 40 ˚C is, is dat wel erg warm. Vanaf de Stratosphere Tower reden wij op het einde van de middag naar ons hotel.  

The Imperial Palace. The Imperial Palace ligt ongeveer op het midden van de Strip, zodat wij 's avonds heerlijk te voet op pad konden gaan. Vanaf de parkeergarage moesten wij een eind met onze bagage door het casino lopen om bij de incheckbalie te komen. een hele vreemde gewaarwording. Bij de balie stond geen rij en wij hadden daarmee enorme mazzel, want in Las Vegas moet je vaak in de rij staan om in te checken in een hotel. Elke keer dat wij daarna langs de balie liepen stond die rij er ook inderdaad, maar toen wij wilden inchecken dus niet. Er werd ons meteen verteld dat wij een slechte kamer hadden aan de kant van Harrah's Casino, waar buiten bij het zwembad tot laat in de nacht muziek te horen zou zijn. Als we wilden konden we de dag erna en betere kamer kunnen krijgen. Wij waren toch niet van plan om heel vroeg ons bed in te duiken, dus vonden wij het wel prima. Het was een oude kamer, niet superschoon, maar schoon genoeg om er alleen maar te slapen.

  We verkleedden ons snel, speciaal voor deze avondjes uit hadden we jurkjes in onze tas gestopt en we gingen dus op sjiek. We liepen als eerste naar The Bellagio (bekend van Ocean's Eleven) waar in de vijver voor het hotel elk kwartier een grote fonteinen show start. Het was mooi om te zien hoe het water op de muziek danste. Hierna staken we over naar Paris, waar een Eiffeltoren precies op halve grootte is nagebouwd. We moesten wel even in de rij staan, want wij wilden naar boven. Bij het inchecken hadden we een kortingsboekje van het hotel gekregen en toevallig zat er ook een kortingsbon voor kaartjes voor de Eiffeltower in. Vanaf het platform (op 140 m) van de Eiffeltower hadden we nu in het donker een mooi uitzicht over de Strip, wat een lichtjes en wat een mensen waren er. Ook konden we de fonteinen van The Bellagio goed zien, maar nu vanuit de lucht.

Hierna wilden we naar een aantal casino's aan de andere kant van ons hotel. Ten eerste wilden wij The Canal in The Venetian zien. Terwijl we naar The Venetian liepen zagen we aan de overkant van de Strip bij The Mirage de vulkaanuitbarsting. Een nagebouwde vulkaan barst hier 's avonds elk uur spectaculair uit. Met veel special effects. In The Venetian was het net alsof je door Venetië liep, op het plafond was een blauwe lucht met wolkjes geschilderd en er werd daglicht nagebootst, waardoor het leek alsof we op klaarlichte dag door Venetië liepen. We gingen op zoek naar The Canal, waar Venetiaanse gondels varen. Blijkbaar varen die 's avonds niet, want het was er heel stil. Toch was het wel heel erg leuk om te zien, hoe de sfeer van Venetië er compleet wordt nagebootst.

 

 

Na dit bezoek staken we over naar The Mirage, waar achter de desk van het hotel een heel mooi aquarium is met tropische vissen. Ook hebben ze er een klein stukje regenwoud nagebootst en kun je er dolfijnen en tijgers vinden. De Dolphin Pool en Big-Cat Habitat in The Secret Garden waren 's avonds gesloten, maar je kon wel door The Rainforest lopen. Als laatste liepen we nog even door Ceacars Palace en daarna staken we over naar ons hotel om te gaan slapen. Als je eenmaal in een casino bent is het vaak heel moeilijk om weer een uitgang te vinden. Je moet dus erg goed opletten als je geen tijd wilt verpillen aan het zoeken naar een uitgang. De casino's maken het express makkelijk om binnen en moeilijk om buiten te komen, want zo is de kans groter dat mensen toch maar even een gokje wagen groter.

  De volgende ochtend was het de eerste ochtend op deze reis dat wij konden uitslapen. Heerlijk. We lagen er de nacht ervoor natuurlijk ook niet al te vroeg in. We gingen op zoek naar een plek waar we konden ontbijten en kwamen terecht bij een heel groot ontbijt buffet in ons hotel. Er was echt een hele ruime keuze aan warme en koude gerechten. We aten onze buikjes lekker vol, want meestal was het ontbijt in de hotels nogal karig geweest. We genoten hier enorm van en het was ook al bijna lunchtijd, dus het ontbijt was meteen ook onze lunch. We reden vervolgens met de auto naar The Sahara, aan dezelfde kant van de Strip als The Stratosphere Tower.

In The Sahara vind je een achtbaan genaamd: Speed the Ride. de bakjes worden met een kracht van 3.5 G-force weggeschoten. Van 0-45 miles p/h in 2 seconden, 70 miles p/h op zijn snelst. De achtbaan maakt een snelle looping en komt even later rechtopstaand tot stilstand. Daarna gaat het achteruit via dezelfde looping weer terug. Er komt een enorme kracht op je lichaam. Ik kwam er trillend en met hoofdpijn uit, niet door angst, maar door de enorme G-forces. Een spectaculaire achtbaan!

Van The Sahara gingen we met de auto naar Circus Circus aan dezelfde kant van de Strip. Bij het binnenkomen van het casino zagen we een ticketbox waar ze kaartjes voor de vele shows verkochten. Het leek ons wel erg leuk om naar een mooie show te gaan. We kregen een hele goede tip van de verkopers daar, namelijk Vegas! The Show. Dit zou echt een show met veel showelementen zijn. Dans, zang, feathergirls etc. Revue-achtig dus. De kaartjes waren best betaalbaar en wij boekten een avondshow. Hierna liepen wij het casino in op zoek naar de AdventureDome. Deze konden wij eerst niet vinden, maar we kwamen wel in een hele leuke hal waar allemaal kermisachtige spelletjes en arcade games te spelen waren. Schieten, touwtjetrekken, paardenrace etc.

Er hingen overal knuffelbeesten als prijs en er liepen veel ouders met kleine kinderen. Je kon er snoep en ander lekkers kopen en in het midden was een klein podium waarop circusvoorstellingen werden gegeven. Het was er erg gezellig en wij bekeken er een acrobatische act. Daarna toch op zoek naar The AdventureDome, een koepel met daarin een klein attractieparkje. In The AdventureDome gingen Nathalie en ik beide in de Canyon Blaster achtbaan en de Rim Runner, een wildwaterbaan waar je behoorlijk nat in werd. Je betaalt hier per attractie, of voor een hele dag. In New York New York heb je ook nog een achtbaan, die door de skyline van Manhattan rijdt, maar daar hadden wij geen tijd meer voor en in die achtbaan was ik in 1997 ook al geweest. We reden terug naar ons hotel waar we ons weer klaarmaakten voor de avond. We liepen naar Treasure Island. Voor dit casino wordt een paar keer per dag een piratenshow met twee schepen gegeven. The Sirens genaamd.  

 In deze show nemen de Sirenen het op tegen de Piraten. We dineerden in het restaurant Gilley's aan de Strip vlak voor Treasure Island en daarna liepen we naar buiten om een mooi plekje te zoeken voor de show. de show startte om zeven uur en duurde ongeveer 20 minuutjes. Zang, dans special effects en zelfs een zinkend schip. erg leuk om naar te kijken. Na de show liepen wij naar het Planet Hollywood Casino waar we naar een Vegas! The Show gingen. Toen wij daar aan kwamen was de show voor ons nog bezig. Indrukwekkend hoe de dansers en acteurs hier gewoon aansluitend drie shows op een avond geven. De show was geweldig en bevatte alle elementen die ik onder show versta. Zang, dans, prachtige kleding, humor, goochelen, tapdansen, feathergirls etc. Veel glitter en glamour en een mooi verhaal over de geschiedenis van Las Vegas. Prachtig. Een avond om nooit te vergeten. Na deze show liepen we terug naar ons hotel om daar in het casino toch nog even een gokje te wagen aan een fruitautomaat alvorens we gingen slapen.

 

 

Los Angeles

Op weg naar Los Angeles wilden we eigenlijk dwars door de Mohave Desert via Cima en Kelso rijden, dat leek ons wel een avontuurlijke route, maar toen we aan het begin van de route bij een tankstation stonden kwamen er helemaal geen auto's over de weg rijden. We wisten niet precies hoe afgelegen het zou zijn en of de wegen wel allemaal verhard waren. langs de Interstate hadden we al verscheidene vrachtwagens stil zien staan met een oververhitte motor en wij besloten dat we niet het risico wilden lopen om in de woestijn te stranden met een oververhitte auto, terwijl er bijna geen verkeer langs zou komen.

  Ook over de Interstate reden we best een aardig stuk door de woestijn, waar de Joshua Trees groeiden. Het was nog best een mooie route en we kwamen nu vroeg in de middag in Los Angeles aan. Als eerste reden we de heuvels ten noorden van LA in naar Griffith Observatory vanwaar je het HOLLYWOOD sign goed kunt zien. Toen we daar waren was het nog steeds vroeg en we besloten nog naar The Universal Studios te gaan, die tot 20.00 u. open zouden zijn. We kwamen er om 16.00 u aan, nadat we vanaf de parkeergarage door de Universal Citywalk waren gelopen, een winkel- en uitgaansstraat. We kochten hier weer een duur express kaartje, zodat we niet in de rij hoefden te staan bij de attracties.

We wilden beslist de Studio Tour doen, maar wilden daarnaast ook nog zoveel mogelijk andere attracties doen. Shrek 4D deden we als eerste en daarna gingen we de Studio Tour doen. In een soort treintje rijd je dan langs de studio's. Deze tour duurt ongeveer een uur. Je rijdt langs stuntende auto's, de huizen van de Desperate Housewives op Wisteria Lane, langs een meer waarin een enorme haai zwemt, langs een vliegtuig dat neergestort is, door een stadje in het wilde westen en door Europa, door een metrostation waar net een aardbeving plaatsvindt en door een tunnel waarin  dinosaurussen in 3D op je afkomen. Je leert hier een beetje over trucage in films. Een hele leuke tour, die sinds 1997 behoorlijk veranderd was, waardoor het voor mij ook bijna nieuw was.

Hierna liepen we lekker het park door en gingen nog in Jurrasic Park the Ride. Een wildwaterbaan met een enorme vrije val waarna je overspoelt wordt door een grote golf water. Gelukkig was het warm en scheen het zonnetje nog even, zodat we nog even konden opdrogen. Na deze attractie liepen we nog door The House of Horrors, een soort spookhuis waar levende spoken de mensen de stuipen op het lijf jagen. Als laatste gingen we naar WaterWorld the Show. Een spectaculaire stuntshow, die wordt uitgevoerd door echte stuntmensen. De show was volgens mij nog exact hetzelfde als in 1997, maar het was al zo lang geleden dat de stunts en special effects me opnieuw verrasten. Hierna was het bijna 20.00 u en liepen wij terug naar de Universal Citywalk waar we heerlijke crèpes aten. Daarna reden we naar ons hotel in Downtown LA.  

De volgende ochtend stonden we weer vroeg op en reden naar Hollywood Blvd, ook wel The Walk of Fame genoemd. Hier vind je op de stoep de beroemde tegels met de sterren en namen van bekende Hollywood sterren. Je loopt al wandelend eigenlijk alleen maar naar de grond te staren. Er werd ons constant gevraagd of we mee wilden op een Hollywood tour, maar hier gingen wij niet op in, omdat wij de dag ervoor al op internet hadden gekeken naar wat zo'n tour zou kosten. Een verkoper sprak ons iets serieuzer aan, of we mee wilden met de tour, we konden en fikse korting krijgen zei hij, als we meteen instapten. We konden voor ongeveer de helft van de prijs mee, omdat het busje nog niet vol was en de Italianen die erin zaten al een tijdje zaten te wachten wilden ze snel vertrekken. Zo gingen we dus toch nog op een Hollywood Tour.

   

We reden in het busje zonder dak eerst over Mulholland Drive weer de heuvels in. Hier zagen we nu vanaf de andere kant het HOLLYWOOD sign en hadden we een mooi uitzicht op LA en de Hollywood Bowl. Hierna reden we over Sunset Blvd naar Beverly Hills waar we langs de huizen van bekende sterren reden, langs het huis waar Marilyn Monroe vroeger woonde, langs de huizen van Britney Spears, Christina Aquillera, Tom Cruise, Mick Jagger, Cameron Diaz, Dr. Phill, David Beckham en langs het huis waar Michael Jackson woonde en gestorven is. Hierna reden we naar Bel Air. In deze wijk wonen Julia Roberts, Aaron Spelling en George Clooney. Ook reden we hier langs het huis van de serie The Fresh Prince of Bel Air en het huis waar Angelina Jolie en Brad Pitt gaan wonen. In Bel Air staat ook de beroemde Playboy Mansion. Van Bel Air reden we naar Rodeo Drive, de meest luxe winkelstraat van LA en toen was de tour voorbij. We liepen tot het einde van the Walk of Fame, waar de ster van Elvis Presley was. Hier stonden bloemen bij, omdat het de dag ervoor zijn sterfdag was.

     

Toen liepen we naar Mann's Chinese Theatre, waar beroemde sterren voor het theater hun handen en/of voeten in het beton hebben gezet, vaak met een persoonlijke boodschap erbij voor de eigenaar Sid Grauman, die inmiddels geen eigenaar meer is. Hier barst het van de toeristen uit alle landen van de wereld. We aten weer bij Planet Hollywood. Deze vestiging, de enige in het echte Hollywood, was slechts een week eerder geopend. Daarna liepen we terug aan de andere kant van the Walk of Fame en liepen hier langs het Kodak Theatre, het theater waar de Oscars jaarlijks worden uitgereikt. We zijn even naar binnen gelopen om van de trap af te schrijden, waar de sterren dat elk jaar in hun prachtige kledij ook doen. Hierna zochten we de auto weer op en reden we richting Santa Monica.

 

Santa Monica

  Het was erg druk op de Santa Monica Blvd waardoor het behoorlijk wat tijd kostte om in Santa Monica te komen. Santa Monica is vooral bekend om haar strand en de bekende pier waar een attractieparkje op gevestigd is. We liepen hier even lekker in het zonnetje over het strand en met de voeten door het water, groetten de lifeguard van Baywatch en bekeken de prachtige constructie van houten palen onder de pier. Hierna liepen we de pier op in gingen in het reuzenrad zodat we een prachtig uitzicht over Santa Monica, het strand, de pier en Pacific Ocean hadden. We dineerden terwijl de zon onderging bij Bubba Gump, een visrestaurant op de pier. Hierna reden we naar ons hotel.

San Francisco

Van Santa Monica reden we naar San Francisco. Een lange dag reizen, 772 kilometer in totaal. Je hebt drie routemogelijkheden om dit traject te rijden. Over de snelle interstate 5, over de snelle, maar iets mooiere route over highway 101, die af en toe langs de kust gaat, of over highway 1, de langzame maar mooie kustroute. Als je over highway 1 wilt rijden kan dat niet in 1 dag en daardoor viel deze route voor ons af. Wel wilden we graag nog iets van de kust zien, dus kozen wij voor de route over highway 101. Het eerste stuk tot Santa Barbara reden we wel over highway 1, mooi langs de kust, door o.a. Malibu. In San Luis Obispo zijn we gestopt bij de beroemde Madonna Inn voor de lunch. De Madonna Inn is een beroemd hotel, waar alle kamers in een ander thema zijn ingericht. Bij de Madonna Inn zit een erg kitscherig, wat Oostenrijks aandoend restaurant waar ze hele lekkere, naar eigen zeggen wereldberoemde, taart serveren. Na een heerlijke uitgebreide lunch namen wij natuurlijk ook nog een stuk taart en dat was inderdaad heerlijk.

Vlak voor San Francisco stonden we nog even in de file, maar doordat wij met z'n tweeën in de auto zaten mochten wij gebruik maken van de spitsstrook en toen schoot het wel lekker op. We kwamen over de Bay Bridge de stad binnenrijden en doordat het helder was konden wij vanaf de Bay Bridge de Golden Gate Bridge heel mooi zien liggen. We hadden achteraf bekeken die middag nog moeten doorrijden naar de Golden Gate Bridge, want de volgende dag was het mistig en zagen wij hem maar voor de helft. We reden over de Embarcadero, langs het water richting ons hotel. We kwamen ook langs het gezellige Fisherman's Wharf. Hierna moesten we nog over een paar hele steile wegen en toen kwamen we aan op Lombard Street, waar ons hotel stond.  

De volgende dag wilden we een deel van de bekende 49 Miles Scenic Drive gaan rijden. Als je deze route rijdt kom je langs alle bezienswaardigheden van de stad. Wij  reden eerst naar de Palace of Fine Arts, een mooi gebouw waar vaak scènes uit romantische films worden opgenomen. We reden verder naar The Golden Gate National Recreation Area, een stuk strand aan de voet van de Golden Gate. Van hieraf konden we de Golden Gate mooi zien liggen, maar wel half verscholen in de mist. We reden iets door en parkeerden daarna vlak bij de Golden Gate, we liepen even naar de voet van de brug, waar een souvenirwinkel is en maakten wat foto's. We zijn de brug niet op gelopen. Wel liepen we weer terug naar de auto om onze route te vervolgen. We reden door de Presidio, door Golden Gate Park en een stuk langs de kust waar we surfers zagen. Hierna reden we naar Twin Peaks, een heuvel vlak bij de stad waar vanaf je bij helder weer een prachtig uitzicht hebt over de stad. het was boven het water nog steeds mistig, maar boven het land was de lucht opengetrokken en wij hadden dus inderdaad en heel mooi uitzicht. Na Twin Peaks volgden wij de 49 Miles Drive niet meer.

   

   

Wij wilden de Painted Ladies, een rijtje prachtige Victoriaanse huizen, bij Alamo Square zien. We parkeerden in een vrij steile straat. Als je met je neus heuvelopwaarts parkeert moet je je wielen in de richting van de straat draaien om te voorkomen dat de auto weg zou kunnen rollen. Parkeer je met je neus naar beneden, dan draai je je wielen richting het trottoir. Als laatste reden we terug naar Lombard Street, maar we reden niet meteen naar het hotel terug, we reden eerst nog richting het gedeelte van Lombard Street wat ze het steilste straatje ter wereld noemen. Via een hele steile rechte straat rijd je de heuvel op, om daarna aan de andere kant over het eenrichtingsstraatje met vele haarspeldbochten naar beneden te mogen rijden. Aan het einde van het straatje flink remmen, want daar staan de Japanners zelfs midden op de weg te fotograferen. (Niet veel later stonden wij er zelf ook even tussen, want ook wij wilden dit straatje natuurlijk op de foto zetten.) Hierna reden we terug naar het hotel om daarna met de bus de stad in te gaan. We gingen eerst op zoek naar een internetcafé waar we ook konden printen, om in te checken voor onze vlucht en boarding passes uit te printen.

 

 

Daarna gingen we met de bus naar Chinatown, waar we kort doorheen liepen en waar wij op zoek gingen naar de beroemde Cable Cars, die over rails door de stad rijden. We zetten de Cable Cars wel even op de foto, maar maakten er geen ritje mee. We gingen met de bus lekker naar Fisferman´s Wharf waar we eerst naar Pier 39 liepen.

  Naast Pier 39 liggen houten vlonders, waarop zeeleeuwen heerlijk in het zonnetje liggen. We hebben hier een hele tijd staan kijken en zijn daarna over de Pier gewandeld. Op het midden van de Pier kun je allemaal leuke winkeltjes vinden en er is ook een speelhal en een draaimolen. Het is er erg gezellig. Toen de zon onder ging werd het wel behoorlijk koud. Het begon zelfs nog een beetje te regenen en voelde absoluut niet meer zomers aan. We liepen langs allerlei leuke winkeltjes waar ze souvenirs en kleding verkochten. Ze verkochten ook hele goedkope jassen en ik kocht hier een winterjas, die ik meteen aan kon trekken. Zo kreeg ik het weer een beetje warm.

 We dineerden op deze laatste avond in het Rainforest Cafe aan Fisherman's Wharf. Het restaurant is helemaal omgetoverd tot een jungle met jungle geluiden en bewegende dieren. Echt rustig zitten kun je er niet, want er gebeurt heel veel om je heen en er is veel lawaai, maar leuk is het wel. Na het eten pakten we de bus terug naar het hotel voor onze laatste nacht in Amerika.

Onze terugvlucht vertrok pas rond 16.00 u, zodat wij die ochtend nog naar Alcatraz konden. Ook deze tour hadden wij voor ons vertrek al via internet geboekt. We zouden om half tien vertrekken en zorgden er voor dat we ruim op tijd aanwezig waren. Op Alcatraz werken vrijwilligers die alle mensen die op het eiland aankomen iets vertellen over Alcatraz, de gevangenis en het eiland. Daarna mag je zelf op pad. Van 1850 tot 1934 was Alcatraz een militaire basis vanwaar men de stad en de baai kon beschermen. De gevangenis op Alcatraz was open van 1934 tot 1963. Vanwege de hoge kosten die de gevangenis met zich meebracht werd de gevangenis in 1963 gesloten. Tussen 1964 en 1971 werd het eiland van tijd tot tijd bezet door Indianen die het eiland opeisten, omdat het vroeger aan hen toebehoorde. Als je de gevangenis binnenkomt krijg je apparatuur voor een audiotour. Deze tour is bij de prijs inbegrepen en is nog exact hetzelfde als in 1997, maar erg indrukwekkend.

 

 

Vooral het idee, dat ex-gevangenen voor deze tour hun verhaal hebben gedaan en dat je door de gevangenis loopt uit het oogpunt van de gevangenen, is indrukwekkend. Het verhaal wordt heel beeldend verteld, zodat je bijna voor je ziet hoe het er moet zijn geweest in de tijd dat er nog gevangenen waren. Inmiddels heb ik in Nederland de film Escape from Alcatraz al een paar keer gezien en dat hielp natuurlijk ook wel mee voor de beeldvorming. De cellen van de gevangenen die toen zijn ontsnapt zijn opnieuw ingericht, je ziet het gat in de muur en het hoofd van papier-maché onder de dekens. We namen om half twaalf de boot terug naar San Francisco en reden daarna naar het vliegveld, waar we voor de laatste keer onze huurauto afleverden. De volgende ochtend arriveerden we al vroeg op Schiphol, na een drukke, maar zeer complete en mooie vakantie!

 

[Start] [Australië] [Amerika Zuidwest] [Kenya] [Costa Rica/Panama] [Zuidelijk Afrika] [Maleis Borneo] [IJsland] [Oostelijk Afrika] [Rondje Scandinavië (Noordkaap)] [Zambia/Zimbabwe] [Oeganda] [Jordanië] [Schotland] [Amerika Noordoost en West] [ Warschau, Baltische hoofdsteden en St. Petersburg] [Bolivia en Peru] [Deep South USA en Florida] [Zuid-Afrika] [Ierland en Noord-Ierland] [Reis langs 7 vernietigingskampen uit WOII in Polen] [Klassiek Griekenland] [Citytrips en korte reizen] [Reactie] [Leestips] [Gedichten]